Rond de Wereld in 80 dagen - met het luxe cruiseschip "Rotterdam"

 

In 1962 ging de Rotterdam rond de wereld in 80 dagen. In "ons Zeewezen" van april 1962 werd hiervan verslag gedaan.

Ons Zeewezen is het orgaan van de Koninklijke Nederlandse Vereniging "Onze Vloot".

Klik op "lees meer" voor het volledige verslag

 

  

 

Op 25 januari jl. heerste er op de 5th Street Pier te Hoboken, de  ligplaats van de Holland Amerika Lijn in de haven van New York, de gezellige drukte, die altijd gepaard gaat met het inschepen van een cruiseschip. Het ss ,,Rotterdam" zou die dag vertrekken voor een reis rond de wereld in 80 dagen. In deze tijd zouden 20 havens worden aangedaan. Gevaren zou worden van New York door de Middellandse Zee, het Suez Kanaal, Rode Zee, Indische en Grote Oceaan, Panamakanaal en terug naar New York, een reis van 26119 mijl, of ruwweg 1¼ maal de omtrek van de aarde.

De bemanning, die speciaal voor het cruise­seizoen was uitgebreid, bestond uit 798 koppen, aangevuld met 26 man ,,cruise­staff", onder wie 14 employés van het reisbureau American Express Co. Deze instelling had een kantoor aan boord en organiseerde gedurende deze cruise van de aan te lopen havens uit niet minder dan 81 excursies. Deze excursies of ,,tours" varieerden van enige uren tot negen dagen en werden gemaakt met auto's, bussen, treinen (soms met slaapwagens!), vliegtuigen en boten. Sommige ,,tours"  begonnen bij het schip in een of andere haven, waarna de deelnemers een of meer havens verder weer aan boord konden gaan. De passagiers konden niet boeken voor alle tours, daar deze elkaar overlapten.

De medische dienst, die normaal uit een dokter, twee verpleegsters, een verpleger en een hospitaalbediende bestaat, was uitgebreid met een tandarts, terwijl te Villefranche nog een chirurg aan boord kwam. In het hospitaal van het schip heeft men namelijk de beschikking over een operatietafel en een narcoseapparaat. Ook de tandarts heeft een modern instrumentarium. De ,,Rotterdam" had bij vertrek ruim 900.000 kg. proviand bij zich, terwijl de bunkers waren gevuld met meer dan 3100 ton brandstofolie. De filmoperateur had de beschikking over 13 hoofdfilms, vele documentaires en  tekenfilmpjes, welke films gedurende de reis alle viermaal werden omgeruild voor nieuwe. Met voor de tijd van het jaar prachtig weer vertrok de ,,Rotterdam" precies op tijd: om 12 uur 's middags, onder bevel van kapitein C. G. Kooyman. Langs de bijna gereed zijnde nieuwe pier - aan de 14e Straat van Manhattan - van de Holland Amerika Lijn, het vrijheidsbeeld en de ,,Narrows" werd naar buiten gestoomd. Nabij het Ambrose vuurschip werd de loods afgegeven aan de loodsboot, waarna koers gezet werd naar Palma de Mallorca. Eerst werd een zuidelijke koers gevolgd, nl. de loxodroom naar de positie 35 gr.-57'N en 50 gr.-00' W , om de kans op goed weer op de overtocht te vergroten. Hierna werd in koers Oost naar Tarifa Point, de ingang van Straat Gibraltar, gestoomd. Aan boord bevonden zich 606 passagiers, hoofdzakelijk Amerikanen, maar ook de Canadese, Mexicaanse, Argentijnse, Panamese, Puerto Ricaanse en Venezolaanse nationaliteiten waren vertegenwoordigd.

Voor Palma en Villefranche waren nog over de 100 passagiers geboekt van overwegend Europese nationaliteit - onderwie Belgen, Fransen, Duitsers, Engelsen, Oostenrijkers, Zwitsers, Spanjaarden en vier Nederlandse echtparen - terwijl in Napels nog vier passagiers aan boord zouden komen, o.w. een Nederlander. Een opvallend groot aantal van deze passagiers had reeds eerder een wereldreis of een ,,Four Continents Cruise" met een der schepen van de H.A.L. gemaakt, terwijl evenmin de passagiers ontbraken, die al voor een wereldreis in 1963 hadden geboekt!

's Middags werd een sloepenrol met de passagiers gehouden. Zij moesten na het alarm ,,schip verlaten" met hun zwemvesten naar de sloepen gaan, teneinde hun de kortste weg naar de aangewezen reddingboten te leren vinden en hun instructies te geven hoe te handelen, om de kans op verwarring bij een ongeluk tot een minimum te beperken. 

   

 

New York - Palma

 

Tijdens de oversteek van de Noordatlantische Oceaan hadden _ we goed weer. Slechts een dag, ter hoogte van de Azoren, was het buiig. Na het passeren van de Golfstroom namen de temperaturen van water en lucht snel toe en vertoonden de passagiers zich meer op de open dekken. Hoewel een week lang niets anders te zien was dan lucht en water, behoefde men zich niet te vervelen, gelijk al bleek uit onze nog niet lang geleden gedane publikatie van een reis per ,,Statendam".

 

Gibraltar

Donderdag 1 februari, vroeg in de morgen, stoomde de ,,Rotterdam" Straat Gibraltar binnen. Aan bakboord doemde groot en machtig de historische rots van Gibraltar op uit de ochtendnevel. Om 8 uur werd met ,,sightseeing" begonnen. Met geringe snelheid voeren we de baai van Gibraltar rond, passeerden vlak langs de haven, waarna de zuidkant van de rots gerond werd. En daarmee werd de Middellandse Zee bereikt. Men kreeg hier een goed gezicht op de ,,water-catchment”. Aan de Qostkant is de rots namelijk voorzien van een enorme, tegen de steile helling aangebrachte betonnen vloer, waarop men het regenwater verzamelt, dat nodig is voor de zoetwater voorziening van de bewoners van Gibraltar.

Tegen tien uur werd de reis voortgezet naar Palma, de hoofdstad van het eiland Majorca, zulks met buitengewoon mooi en helder weer. De hoge, met sneeuw bedekte toppen van de Sierra Nevada staken scherp af tegen de blauwe lucht. 's Avonds had men een prachtige zonsondergang. Doch hiermee hield het goede weer op. Op de eerste wacht (van 20 - 24 uur) nam de wind toe en de volgende morgen op de hondewacht (van 00 - 04 uur) zaten we midden in een mistral, met storm uit het noorden. Hiervan werd echter weinig last ondervonden. De stabilisatievinnen, waar­ van het schip is voorzien, werden uitgebracht en in bedrijf gesteld om het slingeren haast geheel te elimineren. Even voor acht uur werd de loods overgenomen, waarna vlak voor de haveningang geankerd werd. De ,,Rotterdam" kan nl. te Palma niet in de haven meren.

Maar geen nood, want aangezien op de cruises niet zoveel passagiers geboekt kunnen worden als op de Noordzeereizen, kunnen de achterste vier reddingboten worden gemist. Hiervoor in de  plaats komen dan aan iedere zijde twee andersoortige boten, zgn. tenders, in de davits te hangen. Deze boten doen denken aan de rondvaartboten in Amsterdam. Ze zijn wat kleiner en de besturing zit voor het overdekte gedeelte in een kuipje. Met deze tenders kunnen de passagiers, als het schip ten anker ligt, snel en comfortabel naar de wal worden vervoerd. Zij bieden elk plaats aan 70 personen. Voorts onderhouden de motorreddingboten een dienst op de wal voor de bemanningsleden, die hun vrije tijd daar willen doorbrengen. De tenders meren aan het cruisebordes, hetwelk bestaat uit platformen, die van dek af onder de ,,cruise break" (een opening met deuren in de zijde van het schip op het B-dek) gevierd worden. Op het bordes rust de accommodatieladder, die vanuit de break komt. Zelfs bij flinke deining kunnen aldus de passagiers zonder gevaar in de “tenders" stappen. Twee kwartiermeesters in smetteloze uniformen houden daarbij op de bordessen een oogje in het zeil en zijn de dames en oudere passagiers behulpzaam. De stuurlieden van het schip varen de tenders. En draagbare VHF-radio's aan de wal, en in de tenders, verzekeren de communicatie met het schip. Het is natuurlijk geen sinecure, zo'n 1500 personen over een afstand van soms enige kilometers zonder haperen te vervoeren. Maar daar dit een routinekwestie is geworden verloopt alles altijd vlot. Zo ook te Palma.

Helaas werkte het weer nog steeds  niet mee. 's Morgens vroeg was het guur en winderig en later kwamen hier nog hagelbuien bij. Toch konden wij ons best voorstellen, dat het met zomers weer goed toeven is op dit door de natuur zo gunstig bedeelde eiland.

  

Gezicht op Palma, de hoofdstad van het eiland Majorca

Majorca, een bij vele Nederlanders zeer geliefd vakantieoord, is het grootste eiland van de Spaanse eilandengroep de Balearen. Het bezit enige mooie stranden, schitterende bergruggen en kleurrijke, mysterieuze druipsteengrotten. Het klimaat is er zeer gunstig. Palma heeft vele bezienswaardig­heden, zoals de omstreeks 1230 in Gothische stijl opgetrokken kathedraal, het kasteel Belver, het Almudaina Paleis - eens residentie van  Moorse koningen - en vele andere oude kerken, gebouwen en musea. Te Palma kwamen 22 Europese passagiers aan boord, die aan de rest van de cruise deelnamen. Om 2 uur 's middags lichtte de ,,Rotterdam" het anker en vervolgde haar reis naar Villefranche, aan de Franse Riviera. Onder de lij van Majorca gekomen nam de wind weer toe, tot storm uit het Noorden, nu met een hoge, korte deining. Zo zelfs, dat vaart verminderd moest worden om het zware stampen tegen te gaan.

 

 De "Rotterdam", na het passeren van de Straat van Gibraltar, in de baai van het vissersdorp Villefranche aan de Franse Riviera (foto genomen vanuit Villefranche)

 

Villefranche

De volgende dag, zaterdag de 3e februari, nam de wind op de dagwacht af, de bewolking brak en met  goed  weer  werd  om 9 uur de zeereis beëindigd. Villefranche is een vissersplaatsje, pittoresk gelegen tegen de steile wanden van een prachtig klein baaitje met twee haventjes. Deze haventjes zijn maar alleen geschikt voor vissersbootjes, doch in het baaitje liggen twee boeien, aan een waarvan de ,,Rotterdam" meerde, Met een motorreddingboot werden de trossen vlot naar de boei gebracht en vastgemaakt. Langszij kregen wij een ponton om de waltenders, die hier de scheepstenders assisteren, de gelegenheid te geven te meren. Voor het langszij brengen van dit ponton zorgden de scheepstenders en al spoedig konden de eerste passagiers de wal op. Op het piertje, in de vissershaven, waar de tenders ligplaats vonden, stond het orkest van Villefranche reeds gereed om de reizigers een muzikaal welkom te brengen.

Te Villefranche treft men behalve natuurschoon ook enige aardige terrasjes aan, een 13e eeuws kasteel dat hoog op een bergrug boven het stadje uittorent, en de vissers kapel, genaamd de Chapelle Saint Pierre, met schilderijen van Jean Cocteau. Verder is er niet veel te beleven. Het plaatsje is echter zeer gunstig gelegen, nl. slechts 6 km van Nice en 21 km. van Monaco. 's Avonds lag het schip over, zodat de passagiers de casino's van deze plaatsen konden bezoeken.

 

De volgende dag was het weer nog beter en op een terrasje van Villefranche konden wij heerlijk in de zon van een goed kopje koffie genieten. Als aardige bijzonderheid valt nog te vermelden, dat kapitein Kooyman ereburger is van Villefranche.

  

Villefranche, gezien vanuit het haventje waar de tenders meerden. Op het piertje 20 ton aardappelen voor de opvarenden van de "Rotterdam".

's Middags om 2 uur vertrokken wij naar Napels, waar wij de volgende morgen, maandag de 5e februari, in de haven meerden. Napels, gelegen in de schaduw van de Vesuvius en voorheen een Griekse kolonie, is een levendige, vriendelijke stad, gelegen aan een baai, die door velen beschouwd wordt als de schoonste van Europa. Het weer was goed en daarom besloten wij een auto te huren, waarmee we eerst naar genoemde vulkaan reden. Over een smalle, steile weg, met ontelbare haarspeldbochten, ging het naar boven. Nog een eind van de top hield de weg op en moesten wij te voet verder over een smal paadje, waar overal sneeuw lag. Het was hier we! uitkijken om niet geraakt te worden door naar beneden rollende stenen, doch de moeite werd beloond. Bij de krater hadden wij namelijk een groots panorama over Napels. De omtrek van de krater bedraagt 1400 meter en de diepte 200 meter, terwijl hij 1200 meter boven de zeespiegel ligt. Ofschoon langs de kraterwanden rook opsteeg, daalden we toch - zij het met een gids - een eindje in het binnenste af. Hier en daar lag notabene sneeuw, soms zelfs maar een meter van de plaatsen waaruit rook kwam en de bodem warm was.

Door over een brandende sigaret heen te blazen kon de gids het roken nog doen toenemen, zodat we al spoedig midden in de rookwolken stonden. Hij vertelde o.m. dat vier jaar na een uitbarsting de lava weer langzaam opkomt en eens in de elf jaar de krater helemaal vol is.

Beeld in Pompeii

Nadat we op de top van de berg een koele dronk genoten hadden, begonnen  wij  aan de afdaling. Weer beneden gekomen bezochten we Pompeii, de stad, die in het jaar 79 na Christus, door een uitbarsting van de nu uitgewerkte vulkaan Somma, verwoest werd. Voorts werd de stad  Herculaneum van de aarde gevaagd. Hierbij zij opgemerkt, dat terwijl Herculaneum verdween onder de kokende, vloeibare lava, het hoger gelegen Pompeii niet door de lava werd bereikt, maar bedekt werd met een 8 meter hoge laag brandende sintels en as met zwaveldampen, die ieder !even verstikte en alles wat erdoor bedekt werd conserveerde. Later werd dit dek van de stad  afgegraven en vond men een historische schat van moeilijk te taxeren waarde. Om alle bezienswaardigheden te bekijken en alle wetenswaardigheden te vernemen, zou men dagen nodig hebben. Helaas beschikten wij niet over zoveel tijd. Dus reden we na een kort bezoek verder naar Sorrento. De weg voert hier langs een baai, die vooral bij zonsondergang adembenemend mooie vergezichten te aanschouwen gaf. Sorrento zelf is een klein vredig plaatsje aan de kust. Hier dineerden wij gezellig in een restaurantje, waarna wij zeer voldaan de terugweg aanvaardden. Voor een bezoek aan de eilanden Capri en Ischia bleef geen tijd meer over.

Woensdag de 7e februari, om 1 uur 's morgens, vertrok de ,,Rotterdam" naar Piraeus. Tijdens de ochtendschemering zagen wij het eiland Stromboli in de verte uit zee oprijzen. Aan de top was een rode gloed waar te nemen, terwijl grote rookwolken daaruit opstegen. Deze vulkaan bleek in werking te zijn. Een imposant gezicht! Hij verheft zijn top meer dan 1000 meter boven de zeespiegel en de diepte van het water rondom is ongeveer 1400 meter. Aan de voet van de steile wanden, vlak aan het water, ligt een klein sluimerend dorpje.

Ongeveer twee uur varen na het passeren van Stromboli bereikten wij Straat Messina de nauwe doorvaart tussen Italie en Sicilie, die overspannen wordt door kabels. Deze hangen 230 voet boven de zee, dus ruim voldoende om onderdoor te kunnen varen. Maar vlak v66r bet onder bruggen of kabels doorvaren  lijkt het altijd, alsof de mast van bet schip veel hoger is en men tegen die overspanningen stoten zal. 't Is dan ook steeds weer een fascinerend gezicht, zoiets mee te maken.

Hoewel in de Middellandse Zee weinig tij­verschil en getijstromen heersen, staat er bij springtij in de Straat Messina bij Pta. Pezzo, het nauwste gedeelte, 4 tot 4 1/2 mijl stroom, hetgeen voor langzame schepen zeer hinderlijk kan zijn.

De volgende morgen arriveerden wij voor Piraeus. Bij een vorig bezoek was de ,,Rotterdam" hier niet binnengevaren wegens een harde wind, die het manoeuvreren in deze kleine haven gevaarlijk kon maken. Ook nu leek het erop, dat wij voor de haven ten anker moesten, want er stond een stijve bries. De haven bleek echter een goede lij te hebben van het hoge achterland, zodat daar minder wind stond en het veilig bevonden werd naar binnen te gaan. Inderdaad verliepen het manoeuvreren en het meren zeer vlot.

Hoewel er maar negen sleepboten waren besteld, waren er op een gegeven ogenblik dertien bezig de ,,Rotterdam" langs de kant te duwen. Doch er moet bij gezegd worden, dat die oude sleepbootjes een zeer asthmatische indruk op ons maakten. En de kleine haven was overvol. Alom lagen rijen schepen in de laag gemeerd.

Nog een impressie van Griekenland: de Acropolis van Athene

Piraeus is de havenplaats van Athene, welke laatste stad te beschouwen is als de bakermat van onze beschaving. Het zichtbare en tastbare bewijs van de glorie van het oude Griekenland zijn de ruïnes van Athene, waarvan de Acropolis wel de belangrijkste vormt. Ze staat boven op een rotsachtige heuvel, die heel de omgeving overheerst. In vroeger dagen leefden de koningen van Athene hier veilig voor aanvallen. Later werd de heuvel gewijd aan de goden en bouwden de Grieken er hun prachtige tempels, pleinen en theaters op. We brachten een bezoek aan deze Acropolis en raakten diep onder de indruk van de nog steeds imposante overblijfselen van tempels en bogen.

Van de Acropolis af heeft men een prachtig uitzicht over Athene en de omgeving. De stad zelf doet minder overweldigend aan. De bewoners zijn opvallend vriendelijk en behulpzaam voor buitenlanders, maar hun voorkomens zijn triest. De mensen toch zijn over het algemeen slecht gekleed en men ziet er weinig vrolijke gezichten. De stad is stoffig en rommelig, cafe's en restaurants verkeren in verwaarloosde staat en zijn niet erg zindelijk.

Met een taxi reden we naar Piraeus terug. De weg verkeerde in een erbarmelijke staat en was zeer stoffig. Ook de treinverbinding van Piraeus naar Athene kon bij ons geen bewondering afdwingen.

's Avonds om 11 uur vertrok de "Rotterdam" weer uit Piraeus met bestemming Alexandrië.

 

 

 

 

 De originele publicatie, in bezit van Maerten van Uggelen::